Wahoe, ik ben een spook, 'k breng ieder van de kook
'S Nachts spook ik door de gangen en niemand kan me vangen
En van mijn spokenspel krijgt ieder kippenvel!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe! Hahaha!
Wahoe, ik ben een spook en schreeuwen kan ik ook (Boehahahah!)
Ik bons op alle deuren, ha, zie ze eens verkleuren!
Ja, van mijn spookgeschreeuw wordt ieder groen en geel!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe! Hahaha!
Wahoe, ik ben een spook, de koning, die schrok ook
En dat is echt geen doetje, maar hij schrok zich een hoedje!
Ja, ieder maak ik bang, mijn hele leven lang!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe! Hahaha!
Wahoe, ik ben een spook, mijn moeder was het ook
Ze bracht me aan het schrikken, 'k lag in de wieg te snikken
Zacht zei ze: "Eens ben jij vast net zo eng als mij!"
(Mijn moeder was namelijk een spook uit het Westland!)
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe! Hahaha!
Wahoe, ik ben een spook en heel succesvol ook
Geen kar die op de weg blijft, geen kip die aan de leg blijft
Want ik maak veel misbaar (Wahoe!) en ieder schrikt zich naar!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe!
Wahoe! Wahoe! Wahoe, wahoe, wahoe! Hahaha!